PERS

Artikel in Grachtenfestivalkrant


In de Grachtenfestivalkrant 2010 is een interview opgenomen met De Gebouwengids. Aanleiding waren de vaartochten over het IJ die voor het vijfde jaar gehouden werden. De kop van het artikel luidde: Werken op het IJ. Lees hier het volledige artikel: pdf artikel

Artikel in Het Parool

Het Parool - vrijdag 17 augustus 2007
Door Edith Andriesse


Festival is culturele cursus

Wie veronderstelt dat Het Grachtenfestival zich louter afspeelt aan de grachten, vergist zich. Ook hoef je als bezoeker niet per se een muziekliefhebber te zijn. Culturele belangstelling en interesse in Amsterdam zijn wel een pré, want het Grachtenfestival organiseert ook tochten langs de monumenten van Amsterdam. Dit weekend voor het laatst.

"IK WIL architect worden, daarom vind ik dit leuk," meldt de enige puber aan boord tijdens één van de door Wendeline Dijkman gegeven architectuurrondvaarten door het Oostelijk Havengebied en langs de Westelijke Eilanden. Tachtig passagiers krijgen een heldere uitleg over de talrijke (nieuwbouw)complexen en de toekomstplannen. Het noemen van huur- en aankoopprijzen van appartementen en panden werd niet geschuwd. Onder het publiek veel Amsterdammers.
Dijkman: "Ik geef met mijn bedrijfje ook rondleidingen aan groepen buitenlanders, maar dit is leuker." Zij spreekt snel, "want ik heb Italiaans bloed," maar toch moet ze telkens vragen of de schipper nog langzamer kan varen, wat maar niet wil lukken. Haar verhaal moet dus in vogelvlucht worden verteld. Het festivalthema 'Vlucht' wordt slinks door Dijkman in het verhaal over de architectuur verweven. In de eerste plaats natuurlijk waar het 'op de vlucht gebouwde' gebouwen betreft. Zoals aan de Oude Schans, waar Herman Zeinstra in 1975 een pandje neerzette dat licht voorover lijkt te hellen. En op Bickerswerf, waar HM-architecten in een gebouw van 2003 hetzelfde effect toepaste.
Dijkman legt uit dat het 'op vlucht bouwen' vooral gebeurde tussen 1600 en 1750. Gevels hadden minder te lijden van de regen, per hogere verdieping ontstond meer ruimte en tijdens het hijsen was er minder risico op beschadiging van de gevels.
De eigentijdse architecten lijkt het eerder te doen om de imposante uitstraling van het pand. Zoals bijvoorbeeld bij het ook op de vlucht gebouwde 'Hoop, Liefde en Fortuin' van Rudy Uytenhaak uit 2002. Voor het hele artikel Festival is culturele curus zie: pdf artikel.

Uitzending Radio 2, NCRV

In de uitzending van Cappuccino, NCRV, Radio 2, werd op 11 augustus aandacht besteed aan de architectuurrondvaarten en De Gebouwengids. Voor het fragment over de rondvaarten: luister hier

Artikel in Trouw

Trouw - woensdag 6 oktober 2004
Door Chaja Zeegers


De Gebouwengids geeft rondleidingen door Almere, 'de beste, nieuwe stad ter wereld'.

Almere? Wat is daar nu leuk aan? Regelmatig krijgt Wendeline Dijkman deze reactie als ze vertelt dat ze in Almere rondleidingen geeft over stedenbouw en archi-tectuur. "Terwijl hier juist enorm geëxperimenteerd wordt", stelt ze, "Almere is veel gewaagder in haar nieuwbouw dan veel Nederlandse steden."
Neem nu de wijken: De Fantasie en De Realiteit. Via een prijsvraag, al in het begin van de jaren tachtig, konden creatievelingen meedingen naar een lapje grond. Hun ontwerp zou er vijf jaar mogen blijven staan. Een van de winnaars kwam zelfs aanzetten met een circustent. Het concept werd zo'n succes dat de bewoners er na vijf jaar mochten blijven wonen. In 2001 was er het project Gewild Wonen. Daar konden mensen een huis kopen waarbij het basisplan vastlag, maar dat naar eigen zin kon worden uitgebreid. Gevolg is een buitengewoon gevarieerde architectuur.
Sinds vijf jaar gidst Dijkman groepen door de polderstad. Voornamelijk mensen die geïnteresseerd zijn in moderne architectuur, vaak beroepsmatig. Meestal zijn dat woningcorporaties of architectenbureaus. En ze komen niet alleen uit Nederland. Laatst had Wendeline Dijkman nog een groep Zwitsers en Japanners, maar vooral Scandinaviërs krijgt ze vaak. Vandaag is het een architectenbureau uit Zweden. Lopend door de Regenboogbuurt, waar kleur het thema is, verbazen de Zweedse architecten en planologen zich over het gebrek aan uniformiteit van de huizen. Vooral de door elkaar gebruikte kleuren en materialen en het soms intens scherpe blauw, groen en geel zouden in Zweden niet zo snel geaccepteerd worden. Ook platte daken zul je daar niet vaak zien.
Op de vraag waarom de straten zo smal zijn reageert Dijkman verbaasd: "Smal? Vindt u ze smal?" Ze is duidelijk ingenomen met de reactie. "Juist daardoor doorbreek je je eigen blik op de werkelijkheid. Ik ben gewend aan wat ik zie, maar dat dit voor anderen heel verrassend kan zijn realiseer ik me pas door zo'n vraag."
Volgens 'De Gebouwengids', zoals Dijkman zichzelf noemt, zijn de meeste buitenlanders zeer enthousiast. Maar die fascinatie wordt ook nog altijd ingegeven door het 'bouwen op de bodem van de zee'.
Almere werd in 1968 ingepolderd, in 1976 verschenen de eerste bewoners. Inmiddels telt de stad 174.000 inwoners en daarmee is het de achtste stad van Nederland. Het is de bedoeling dat er in 2010 zo'n 220.000 mensen zullen wonen en op termijn zelfs nog meer. Aanvankelijk kwamen de meeste nieuwelingen vooral uit Amsterdam, nu ook van elders.
In heel Nederland komen er jaarlijks 60.000 nieuwe woningen bij. Almere levert met 3.000 opgeleverde huizen per jaar vijf procent van dat aandeel: een bovengemiddelde groei. De stad is heel slagvaardig als het op bouwen aankomt, maar het voorzieningenniveau hobbelt daar achteraan. Lastig voor zaken als ziekenzorg, scholen en de doorstroming op de wegen. Dat Almere met het streven naar zoveel inwoners werkelijk iets aan die infrastructuur moet doen, is duidelijk. Niet voor niets worden er op dit moment ontwerpen getekend voor een brug tussen het westen van de stad en het Amsterdamse IJburg. Daarbij wordt vooralsnog gedacht aan een treinverbinding of een magneetzweefbaan.
Dijkman komt overigens niet uit Almere maar uit Amsterdam, waar ze ook rondleidingen geeft. Haar affiniteit met architectuur zit in de familie. Haar broer, de architect Jaap Dijkman, nam de vernieuwbouw van café-restaurant Rotterdam, op de Kop van Zuid, en het restaurant van de Waag in Amsterdam voor zijn rekening. Op een gegeven moment kreeg Wendeline Dijkman van het Architectuurcentrum Almere (CASLa) de opdracht om een lespakket te maken over de geschie-denis van Almere. Daaruit is het geven van rondleidingen ter plaatse voortgevloeid. Sinds drie jaar heeft ze haar eigen bedrijf.
Dat de stad Almere grote ambities heeft blijkt ook uit de namen van bekende nationale en internationale architecten die zijn ingehuurd, zoals: Rem Koolhaas, Liesbeth van der Pol, René van Zuuk, William Alsop en Kazuyo Sejima.
Momenteel wordt er druk gebouwd aan de uitbreiding van het bestaande centrum naar een ontwerp van Rem Koolhaas (bureau O.M.A.). De stad was zo gegroeid dat het 'oude' centrum niet meer voldeed aan de eisen van de tijd. Een flink aantal uitgaansgelegenheden moeten Almere naar een hoger plan tillen. Er wordt nu onder meer gewerkt aan een theater, disco met pub, megabioscoop en bibliotheek. Dijkman vindt de ontwikkeling van Almere boeiend, maar de stad is nog erg jong. Ze is het eens met de woorden van Aaron Betsky, de directeur van het Nederlands Architectuur Instituut, die Almere de beste nieuwe stad ter wereld vindt. Maar hij wenst de stad veel chaos toe. Hij stelt dat een stad doorleefd moet zijn, dat er ergens een moord moet zijn gepleegd, dat er hier en daar een huis moet zijn afgebrand en een schandaal moet een buurt hebben geschokt. Ofwel: er moeten herinneringen aan een stad kleven, pas dan gaat het echt leven.
Copyright: Trouw - www.trouw.nl

Artikel in De Gelderlander

De Gelderlander - Zomereditie 2006, Geniet!

Door Hans Gulpen

Een dagje naar nieuw Nederland

Hoe zou Nederland eruit zien als we opnieuw mochten beginnen? Misschien wel zoals Almere. Voor een zomers stedentripje is het daarom aardig om nu eens niet in de geschiedenis van Nederland te duiken - waarvoor je in steden als Amsterdam, Delft of Leiden terechtkunt - maar in de toekomst. In Almere dus. Dertig jaar jong, nu al zo groot als het hele Gooi en groeiend als kool.
Almere is een soort omgekeerd Atlantis, schreef iemand ooit. Atlantis verdween in de golven, maar Almere rees eruit op.
Het is nog geen veertig jaar geleden dat de Flevopolder, waarvan Almere de belangrijkste stad is, werd drooggelegd. In 1976 vestigden zich de eerste mensen in de stad. Inmiddels wonen er zo'n 180.000 mensen, verdeeld over zes kernen, waarvan Almere Stad, Almere Haven en Almere Buiten de bekendste zijn. Halverwege deze eeuw moet Almere, met 400.000 inwoners de vijfde stad van Nederland zijn. Wie vanaf de andere kant van het Weerwater, een aangelegd meer (dus: 'weer water'), de skyline van Almere aanschouwt, ziet inderdaad temidden van de hijskranen een stad oprijzen. Almere Stad had al een stadshart, gebouwd in de jaren tachtig. Maar dat was niet meer berekend op het snel uitdijende inwonertal. Een aanzienlijke uitbreiding was nodig. En die is bijna klaar. Volgend jaar worden de laatste gebouwen opgeleverd. Maar nu al is er voldoende oogstrelende of tenenkrommende architectuur te zien om minstens een halve dag door het nieuwe centrum te wandelen.
Wil je er een of meer van Almere's kleurrijke woonwijken bij doen - de Regenboogbuurt, de Filmwijk of de Muziekwijk - dan is een fiets of auto noodzakelijk en ben je minstens een dag kwijt.
Het plan voor de uitbreiding van het stadscentrum is van architect Rem Koolhaas. Het hart van zijn ontwerp wordt gevormd door een glooiend plateau, dat aan de rand van de oude stad begint, tot zes meter oploopt en dan weer naar beneden buigt naar het Weerwater. Woningen, winkels en andere voorzieningen, autovrije straten en pleinen liggen op deze verhoging. Het heuvelachtige karakter met de lange zichtlijnen, waarvan sommige in het blauw van lucht en water lijken te verdwijnen, geven het nieuwe centrum een mediterraan karakter. Volgens Wendeline Dijkman, die op afspraak stedenbouwkundige rondleidingen verzorgt, zou je bijna denken dat je in een zuidelijke Franse stad bent.
Letterlijk en figuurlijk het hoogtepunt van het stadshart is de Citadel van Christian de Portzamparc. Het is een complex met winkels en daarboven woningen, doorsneden door straten. Het dak is een grasveld, waaromheen woonhuizen zijn gebouwd. Vrijwel in het midden van het complex, waar straten van Chinees graniet elkaar kruisen, piekt er nog een woontoren uit. De overgang tussen winkels en woningen wordt gevormd door een rand van bruin polyesterbeton dat door zijn structuur op een rotswand lijkt. Wie de moeite neemt om naar de bovenste verdieping van V en D te gaan en daar het dakterras te betreden, wordt beloond met een schitterend uitzicht op Almere Stad. Het bezichtigen waard zijn ook de twee nog niet voltooide torens 'Side by Side' (architecten CIE, Frits van Dongen) die in het Weerwater zijn gelegd en het nabijgelegen sterk golvende wooncomplex 'The Wave' van René van Zuuk. De verrassende woontoren 'Silver Line' van Claus en Kaan Architecten, die halverwege een kwart slag is gedraaid, ligt daar niet ver vandaan. Het is allemaal te voet te doen.
Nog een laatste architectonische aanrader: niet alleen Parijs heeft zijn La Défense, ook Almere. In het noordelijk deel van het centrum, aan de andere kant van het spoor, waar zich de kantoren bevinden. La Défense is dan ook een kantoor, een bedrijfsverzamelgebouw om precies te zijn. Aan de straatzijde zie je niets bijzonders, maar loop je naar binnen, door een weggetje dat tussen de twee in elkaar geschoven gebouwen slingert, dan kijk je je ogen uit. De gevels zijn bekleed met een soort kunststof die aanvankelijk voor parfumflesjes was gemaakt en die op het zonlicht reageert in alle kleuren van de regenboog. Maar zelfs op een bewolkte, winderige dag - en daarvan zijn er in Almere veel - straalt het gebouw je tegemoet.

Bron: De Gelderlander - www.degelderlander.nl